Met de inwerkingtreding van de Waterwet wordt de waterbodem als integraal onderdeel beschouwd van het watersysteem. Daarmee valt de waterbodem niet meer onder sectorale wetgeving zoals de Wet bodembescherming. Het saneren van waterbodems en de beoordeling van humane en/of ecotoxicologische risico’s van sterke bodemverontreiniging vindt nu plaatst in het kader van de Waterwet. De kwaliteitsdoelen voor het watersysteem die voortvloeien uit de eisen uit de KRW, zijn daarin vastgelegd. De KRW schept het kader voor de bescherming van de kwaliteit van oppervlaktewateren, overgangswateren, kustwateren en grondwater. De doelstellingen van watersystemen, waar waterbodems integraal onderdeel van uit maken, zullen daarbij moeten worden bereikt via de stroomgebiedbenadering.
Voor het realiseren van de (water)kwaliteitsdoelen is inzicht in de effecten van de waterbodem op de waterkwaliteit van cruciaal. Niebeek Milieumanagement bv is als waterbodemspecialist in staat om opdrachtgevers op adequate wijze te adviseren bij het realiseren van de waterkwaliteitsdoelen. Om te beoordelen welke maatregelen het meest effectief zijn is het uitvoeren van een systeemanalyse vereist. Een systeemanalyse geeft goed inzicht in de bijdrage die de waterbodem heeft in de oorzaak van een waterkwaliteitsprobleem. Niebeek draagt zorg voor een adequate uitvoering van een watersysteemanalyse en kan daarbij adviseren over de te nemen maatregelen wat betreft effectiviteit en doelmatigheid. Door deze aanpak wordt duidelijk of de inzet van middelen (geld) leidt tot het gewenste resultaat (verbetering waterkwaliteit).
Blauwalgbloei
De beschikbaarheid aan nutriënten speelt een belangrijke rol bij het ontstaan van blauwalgenbloei. Een combinatie van stagnant, ondiep en sterk eutroof water maakt dat blauwalgen (Cyanobacteria) in hoge concentraties voor kunnen komen. De overmatige bloei van blauwalg kan leiden tot stankoverlast, maar de deze algen scheiden ook toxische stoffen. Vanwege toxische eigenschappen kunnen hoge concentraties van blauwalg in het oppervlakte water tot problemen leiden voor mensen (huidirritatie, misselijkheid, etc.), dieren (sterfte bij vissen, mensen en dieren) en het verdwijnen van (water)planten doordat het licht vanwege de troebelheid niet meer in het water kan doordringen.  Voor vijver, plas of sloot waar blauwalgbloei tot problemen leidt wij een watersysteemanalyse uitvoeren waarmee de belangrijkste sturende variabelen in beeld gebracht kunnen worden. Inzicht in de relatieve bijdrage van de verschillende interne en externe bronnen (bijv. riooloverstorten, bladinval, fecaliën van vogels en vissen t.g.v. overmatig (bij)voeren, nalevering vanuit de waterbodem t.g.v. een dikke nutriëntrijke sliblaag) is noodzakelijk om te bepalen of en zo ja welke maatregelen het meest effectief en doelmatig toegepast kunnen worden.
Op basis van waterbodemonderzoek kunnen wij de potentie voor de nalevering van fosfaat uit de waterbodem kwalificeren en kwantificeren.
Klimaatverandering en (verwachte) toename van waterkwaliteitsproblemen
Door klimaatsverandering is enerzijds sprake van hogere gemiddelde temperatuur op aarde maar ook van grotere extremen in neerslag en temperatuur: de extremen liggen hoger en de frequentie waarmee ze optreden zullen naar verwachting hoger zijn. Deze verandering hebben ook gevolgen voor de watertemperatuur. Hogere watertemperaturen leiden tot een toename van de afbraak van organische materiaal en toe een grotere beschikbaarheid van fosfaat. Doordat in de zomer de temperaturen hoger kunnen worden zal daarmee ook de blauwalgbloei toenemen en zal vaker vissterfte op kunnen treden ten gevolge van de afbraak van slib.  Om de effecten op het watersysteem te beperken dan wel te voorkomen zijn aanvullende maatregelen noodzakelijk.  Niebeek  kan waterbeheerders adviseren bepalen of bron- en effectgerichte maatregelen noodzakelijk zijn.
Handreiking Beoordeling Waterbodems (HBW) en convenant bodem en ondergrond (2016 en 2020)
Het toepassen van de handreiking is relevant om de waterkwaliteitsdoelen te realiseren waarbij met name de waterbodem een rol speelt in het behalen van deze doelen. Niebeek heeft o.a. voor Hoogheemraadschap van Schieland en Krimpenerwaard watersystemen aanvullend waterbodemonderzoek en de beoordeling van het watersysteem middels de handreiking uitgevoerd. Daarbij is beoordeeld in welke mate de waterbodemkwaliteit een belemmering vormt voor het behalen van de waterkwaliteitsdoelen. Daartoe hebben wij vier onderzoeksfasen / beoordelingsstappen doorlopen:

In fase 1 betreffen respectievelijk het uitvoeren van een vooronderzoek (NEN5717) en een waterbodemonderzoek (NEN5720) om de actuele waterbodemkwaliteit, als uitgangspunt voor de beoordeling, te bepalen. Fase 3 betreft het uitvoeren van de beoordeling van de invloed van de waterbodemkwaliteit op de waterkwaliteit. Aanvullend wordt een doorkijk gegeven naar eventuele saneringsoplossingen (fase 4). Fase 1 en fase 2 betreffen respectievelijk het uitvoeren van een vooronderzoek (NEN5717) en een waterbodemonderzoek (NEN5720) om de actuele waterbodemkwaliteit, als uitgangspunt voor de beoordeling, te bepalen. Fase 3 betreft het uitvoeren van de beoordeling van de invloed van de waterbodemkwaliteit op de waterkwaliteit dn . Aanvullend wordt een doorkijk gegeven naar eventuele oplossingen (fase 4).

1. Locatie / onderzoeksgebied;
2. Gebiedsfuncties (vastgelegd in diverse plannen);
3. Kwaliteitsnormen en doelen tot functie: waterkwaliteit wel/niet op orde;
4. Beoordeling risico’s / actuele kwaliteit van de waterbodem i.r.t. normen en doelen;
5. Toepassen diverse beoordelingsmethodieken, w.o. kwantificeren invloed waterbodemkwaliteit;
6. Conclusies impact / rol waterbodemkwaliteit.
7. Bepalen mogelijke maatregelen: Ingreep in de waterbodem (bron- dan wel effectgerichte maatregelen);
8. Beoordelen kosteneffectiviteit en maatschappelijke relevantie.

Kwaliteitsbaggeren
Indien sprake is van een waterkwaliteitsprobleem (bijvoorbeeld blauwalgbloei en/of vissterfte ten gevolge van lage zuurstofconcentraties) of niet aan de KRW-doelen wordt voldaan, dan is antwoord op de vraag of baggeren een effectieve maatregel is gewenst. Het is daarvoor noodzakelijk om in beeld te hebben onder welke condities het zinvol is te baggeren ten behoeve van de waterkwaliteit. Om vast te stellen of kwaliteitsbaggeren zinvol is moeten ondermeer de volgende vragen beantwoord worden:
* Is er sprake van sterke nalevering van nutriënten?
* Wat is het zuurstofverbruik van de bodem?
* Is het water troebel door opwerveling van slibdeeltjes?
* Zijn gehalten aan sulfide / ammonium hoog waardoor sprake is van toxiciteit?
* Is de bodem te slap voor plantengroei?

Wij kunnen inzichtelijk maken of de waterbodem een dominante invloed heeft op de waterbodemkwaliteit.